Search

Zowiezoe

1+1 = Zowiezoe

Category

Recensies

Recensie: Dying Light

Dying Light screenie – van kotaku.com

Dying Light is het spel dat een verslaving aan parkour en bizarre wapens combineert met een wereld vol hersenverslindende zombies. Een combinatie die de meeste gamers op het puntje van hun stoel weet te houden terwijl ze rondrennen in een wereld waar alles je dood kan zijn. Het is niet een spel dat het moet hebben van een unieke verhaallijn of geweldige karakters. Het zijn juist de vloeiende controls en geweldige spelsituaties die je urenlang bezig kunnen houden. Daar waar je in het spel overdag lekker los kunt gaan op de logge zombies en alles kunt verzamelen dat je lief is – moet je in de nacht vechten (en vooral rennen) voor je leven. Want Harran, het stadje dat je thuisbasis vormt, is overdag een speelplaats waar toevallig wat vleesetende monsters rondlopen. Je zoekt je weg over daken en auto’s om contact te vermijden, of slaat zombies de hersens in met een keur aan interessante wapenopties (wie wil nou niet een plank met een spijker gebruiken om een hoofd te laten ontploffen?). Dit allemaal verandert wanneer de zon ondergaat. Nergens ben je meer veilig wanneer de Volatiles (lees: superzombies) de straten onveilig maken. Toch word je met extra beloningen gelokt om steeds de nacht te trotseren. En elke keer houd je je hart vast wanneer je de donkere straten doorkruist. Dying Light is daardoor DE perfecte game voor de The Walking Dead verslaafde die zelf een keer wil ervaren hoe ie het zou doen in een zombie apocalypse.

Recensie: Look Rotterdam

Binnenkort een blind date waar je eigenlijk geen zin in hebt? 
Onverklaarbare angst dat vampiers de wereld op een dag overnemen (en dan dus niet de sprankelende Twilight versies)?
Een voorliefde voor een slechte adem waar je je hele buurt op kunt trakteren?

Restaurant Look in Rotterdam is het antwoord!
Nou ben ik zelf dol op knoflook – zo erg zelfs dat ik de toorn van vriendlief regelmatig riskeer door knoflook te gooien in ‘gerechten waar dat gewoon NIET in hoort!”. Ik kan prima mijn lasagne maken met vijf teentjes knoflook. Heerlijk toch? Gelukkig ben ik daarin blijkbaar niet de enige, getuige dit restaurantje. Elk gerecht dat je hier verorbert heeft wel iets knoflokerigs – een element van knoflook dat onmisbaar is. Wat wil een knoflookliefhebber nou nog meer?

Continue reading “Recensie: Look Rotterdam”

Recensie – Thief: Ode aan stealth

Stealth-verslaafden kunnen hun hart ophalen met de nieuwste productie van Eidos Montreal. Thief is de natte droom voor spelers die het liefste een heel spel stiekem in de schaduw rondsluipen. Vrijheid is in deze langverwachte productie een kernwoord gebleken, want je bent tijdens de missies niet alleen vrij om ze uit te voeren zoals het jou uitkomt, het hele spel hangt van keuzes aan elkaar.

Laat je de bewakers leven, of zorg je dat ze je überhaupt nooit zien. Ga je recht op je doel af, of neem je een alternatieve route en ontdek je zo de prachtige vergezichten vanaf een hoog plekje? Die keuze is aan jou. Je speelstijl bepaalt in welke categorie het spel je indeelt, je speelt of Opportunist, Ghost, of (persoonlijke favoriet) Predator. Daar waar je als Opportunist gaat voor flexibiliteit, werkend op een manier die optimaal gebruik maakt van de omgeving, blijf je als Ghost compleet ongezien. En de Predator? Die gaat voor de actie en de kill.

Het verhaal is een kwestie van smaak. Ik kan me voorstellen dat niet iedereen de duistere, lugubere en soms erg gemene humor kan waarderen. Een aanrader zijn de sidejobs die je her en der kunt accepteren. Kleine pareltjes die meer dan eens een lach stelen van je lippen. Het nadeel is de verhaallijn van de main story, die houdt je niet urenlang bezig. Het spel is bovendien relatief kort. Toch is Thief een aanrader voor iedere speler met een gezonde dosis galgenhumor en een verslaving aan stiekem doen.

Nieuwe recensie in: http://universonline.nl/2014/03/20/superstudent-tessa/

Recensie – ‘Tam Kai’ Pichet Klunchun Dance Company

“What the fuck is dit?” weet een meisje op de rij achter me mijn gevoelens van de eerste 10 minuten precies te verwoorden. We zitten bij de dansvoorstelling ‘Tam Kai’ van de Pichet Klunchun Company en niemand lijkt te weten wat er aan het gebeuren is.

De stoelen waar we op zitten zijn opgesteld op wat normaliter het podium is, waardoor de ruimte voor de dansers immens veel kleiner wordt gemaakt. Verwarrend voor veel bezoekers, omdat we in plaats van de heerlijk zachte stoelen nu op klapstoeltjes geparkeerd worden. En om die klapstoeltjes te bereiken zijn we eerst door de catacomben van het theater geleid. Ook eens wat anders.

De voorstelling gaat van start met een filmpje waarin we worden voorgesteld aan Pichet Klunchun, danser en choreograaf, klassieke Khôn meester en (zo blijkt) humoristische man. De show zelf start in doodse stilte. Dansers bewegen zich in een diagonaal over het podium. Om beurten, met bewegingen die buitenaards en onmogelijk aandoen. Het is de traditionele Thaise dansstijl Khôn die ze vertolken, een klassieke en rigide manier van bewegen. Gaandeweg valt betoverende muziek in, een xylofoon die meesterlijk wordt bespeeld. Bewegingen worden vloeiender totdat de dansers zich uiteindelijk zo gek mogelijk over het podium bewegen.

Ze overleggen tussen hun beurten door, of drinken wat water. Vaak lachen ze hun mededansers toe, en nog vaker zelfs uit. Niet heel verwonderlijk wanneer een van het ervoor kiest om al neuspeuterend over het podium te razen. Het patroon van om beurten bewegen wordt verbroken en dansers gaan in paren, drietallen of allemaal tegelijk het podium op. Een verhaal heb ik niet kunnen ontdekken, de meesten om ons heen niet aan de reacties te horen. Er wordt wel gelachen, iets geheel onverwachts bij deze show, voor mij in ieder geval. Ons werd verteld dat het zou gaan om een haan die een prins met fatale gevolgen naar twee prinsessen lokt. Dat hebben we er niet uit kunnen halen. De haan hebben we wel gezien. Pichet Klunchun gooide zich al kakelend en klapperend met zijn vleugels over het podium. Vermakelijk, zeker wanneer de rest van de dansers komen opdagen met opwindkippetjes en paardjes waarmee ze wedstrijdje doen en dansen.

Het is vreemd, grappig en compleet anders dan verwacht. En toch kun je onmogelijk je ogen losscheuren van het tafereel. Soms gaan de dansers net iets te langzaam, soms wordt een patroon net te vaak herhaald. Uiteindelijk besef je echter dat elke beweging, ondanks de ogenschijnlijk complete chaos, precies op de maat van de xylofoon is. De dansers bewegen alsof ze maar wat doen, alsof ze dansen wat er op dat moment in hen opkomt. Maar alles wat ze doen is in perfecte harmonie met de muziek. Verbazingwekkend.

http://universonline.nl/2013/10/31/recensie-tam-kai-pichet-klunchun-dance-company/

Recensie – What the body does not remember

Een tot de nok toe gevulde zaal en een spetterende beschrijving van het stuk van Wim Vandekeybus zorgden ervoor dat ik vol verwachting zat te wachten op de start van ‘What the body does not remember’. Twee uur later strompelde ik naar buiten, hoofdschuddend, niet wetend wat te doen met de dingen die ik in die twee uur had gezien.

‘What the body does not remember’ maakte voor mij weinig waar van de lovende woorden in de omschrijving. “Ruig, woest,speels, ironisch en verbluffend” was voor mij veel korter samen te vatten als “pijnlijk aan de oren en verwarrend”. Het is misschien ouderwets om in een dansvoorstelling dans te verwachten. En misschien is het gewoon mijn niet-bestaande kennis over dansstijlen die het moeilijk maakt het stuk te bevatten. Toch had ik gedacht zelfs zonder danskennis wel te kunnen genieten van “ronduit spectaculaire scènes waarbij bakstenen over de hoofden van de dansers worden gegooid”. Alleen zijn de lichte kalkstenen die in sommige gevallen na een rondje in de lucht zelfs verkruimelen niet bepaald het spektakel dat ik had verwacht.

Het stuk schakelt tussen momenten van complete verwarring,waarbij je je als toeschouwer constant afvraagt waarnaar je aan het kijken bent, en momenten van herkenning. Blijkbaar heeft mijn body een heleboel dat het niet remembert. Vaak worden scènes ook net te lang gerekt, dansers herhalen tot in het eindeloze een bepaalde routine of patroon terwijl het nieuwtje er al wel weer vanaf is. Zo gaat het stuk van start met twee mannen, gecontroleerd door een meisje dat hun bewegingen lijkt te sturen door het patroon dat ze trommelt op een tafel. Erg handig, mannen zo kunnen laten doen wat je wilt als je het mij vraagt, maar om dat nou vijf minuten te blijven doen…da’s een beetje zielig voor de spartelende kerels.

Vervolgens volg je de dansers van een ingewikkeld spelletje voetje-van-de-vloer tot een geharrewar met kledingstukken (waarbij je soms meer ziet van de dansers dan verwacht) en enkele andere scènes waarvan de rode draad mij toch werkelijk ontgaat. Wel mooi is de fotosessie waarbij dansers, soms zijdelings op een omgevallen stoel liggend, familiefoto’s maken. Grappig en zelfs ontroerend. Ook het veertje blazen valt goed bij het publiek, volwassen dansers die om het hardst een veertje in de lucht proberen te houden ontlokken gegiechel aan het publiek.

Het geheel wordt helaas begeleid door muziek die ik geen muziek zou willen noemen. Zwaar, drukkend en soms ronduit pijnlijk aan de oren. Zo is er een schrille mondharmonica die een hectische scene nog moeilijker te volgen maakt. Ademhalen durf je amper uit angst de muziek te onderbreken of iets te missen. Er is namelijk soms gewoon teveel te zien op het podium. De dansers lijken ieder hun eigen ding te doen, en dat zijn vaak teveel dingen om alles mee te kunnen krijgen. Het is teveel om in een keer te behappen en hapklare brokken zijn vaak toch net iets makkelijker.

Wel moet gezegd worden dat de dansers alles gaven. Uit alles wat er op het podium gebeurde straalde hun overtuiging en enthousiasme. Dansers gooiden zich vol overgave op de anderen, en op bepaalde momenten grepen en graaiden ze zo ongegeneerd naar hun danspartners dat ik met rode wangetjes toe zat te kijken. ‘What the body does not remember’ is niet voor beginners, zoveel moge duidelijk zijn. Of misschien is een boekje met uitleg gewoon een vereiste. Beter nog, misschien toch maar een dansopleiding gaan volgen om te kunnen begrijpen wat ik allemaal in deze voorstelling heb gezien.

Sfeerverslag – Night University

‘S nachts naar school. Niet bepaald iets dat hoog op mijn verlanglijstje stond, totdat ik hoorde van Night University. Het is namelijk WEL leuk om in het donker naar school te gaan en de campus eens in een compleet ander (afwezig) licht te zien als je dat kan doen onder het genot van erg leuke activiteiten.

Night University is een initiatief van een aantal studenten die vonden dat de campus iets miste, in samenwerking met het Academic Forum van Tilburg University. Het is een benefietavond voor een jaarlijks veranderend goed doel, een avond die mensen een (andere) kijk biedt op onze universiteit. Dit jaar werden de opbrengsten geschonken aan Dance4Life, 2313,16 euro opgehaald op de avond zelf.

De happening ging, zoals gewoonlijk fashionably late, van start in het Academia Building op de campus. We werden voorgesteld aan organisatoren Mark Dekker en Esther Maassen en toegesproken door Marieke Moorman, de toekomstige burgemeester van Bernheze.

Het was bepaald geen volle tent, de ruimte voor het podium was beangstigend leeg terwijl iedereen een veilige afstand bewaarde toen het geweld van dansgroep Uniq Swagger losbarstte. De muziek liet geen spaan heel van onze oren, maar we kregen er wel iets voor terug. Die dames kunnen dansen!

Toen was het de beurt aan Dance4Life ambassadeur Lange Frans om het podium over te nemen. En dat deed hij met verve! Het moet beangstigend zijn om een podium te beklimmen met mensen die er zo ver mogelijk bij weg proberen te gaan staan. De dranghekken die waren opgesteld om de zanger te beschermen bleken ontzettend onnodig. Nou moet gezegd worden dat de muziek van Lange Frans vast niet DE jam is van de meeste aanwezigen, maar Lange Frans bewees maar even een echte showman te zijn.

Niet uit het veld geslagen door de grote lege ruimte besluit hij het podium lekker te laten voorwat het is en die open ruimte te gebruiken. Hij bespeelt de mensen en krijgt zelfs het onwillige publiek zo ver om vrolijk mee te doen met zijn nummer ’22 baco’. Iedereen zingt mee, en doet het dansje dat hij humoristisch weet uit te leggen. Niet iedereen is zo enthousiast als een dame die zonder gene compleet (naast de maat) los gaat in de lege ruimte. Toch was het een erg leuk optreden, buiten de lichte awkwardness van het publiek. Ook maken we zo kennis met winnares van de Night University Song Contest Leonie Sloots die samen met Lange Frans het nummer ‘One Chance’ erg goed neerzet (op enkele ongelukkige uithalen na).

Daarna ging de avond van start met een erg divers programma. Ingedeeld in drie blokken van 45 minuten konden aanwezigen kiezen uit een hele lijst van mogelijkheden per blok. Je kon je avond dus doorbrengen zoals je het zelf interessant vond. Academische verrijking tot mooie muziek of spirituele ervaringen en natuurlijk ook comedy. Van alles wat!

Univers ging van start met een intiem concert van Isabelle Ame, omschreven als de dochter van Mumford. Dat maakt ze meer dan waar. De zaal is schaarsbelicht en ingedeeld als een gezellig kamertje, enkele stoelen en banken maar vooral veel kussens op de grond. De eersten nemen (natuurlijk) plaats op de banken, en de kussens worden meer aarzelend bevolkt. Toch is het zaaltje bomvol met zo’n 50 aanwezigen die stuk voor stuk met volle teugen genieten van de heerlijke muziek van Isabelle. De nummers vloeien soepel in elkaar over door de persoonlijke uitleg die ze geeft bij elk nummer, en het publiek voelt zich echt betrokken wanneer ze worden uitgenodigd om mee te klappen, stampen en fluiten. Het allermooiste is nog wel het einde van de show, wanneer het publiek een staande ovatie geeft en smeekt om meer. En meer krijgen we ook, een nummer waarvan de bridge door het publiek wordt meegezongen wat leidt tot het beste nummer van die avond. Geweldig.

Het is moeilijk om zo’n goede start te overtreffen, blijkt wel weer wanneer we voor het tweede blok eindigen bij de Faculty of Dreams. Een workshop over dromen en het analyseren daarvan, gegeven door Arnold Smeets (ipv Bart Koet) en Susanne van Doorn. Verwacht je leuk aan de gang te gaan met je eigen dromen, kom je terecht in een verhandeling over de theologische, religieuze en spirituele waarde van dromen die overgaat in een dialoog tussen een volledig oninteressante vrouw uit het publiek die elke betekenisvolle droom die er bestaat niet alleen heeft gehad, maar ook wil delen.
En terwijl zij droom na droom opsomt, met veel ‘oh’s en ah’s en ‘so beautiful’ uitroepen ondersteund door Suzanne, maakt die van de gelegenheid ook nog gebruikt om haar eigen boek aan te prijzen (en verkopen). De enige opmerking die het publiek nog enigszins wakker lijkt te schudden is : “visitation dreams are like orgasms, you will know it when you had one, undeniably”. Daarmee is de workshop echter al bij lange na niet meer te redden.

De avond wordt gelukkig gered door het derde blok, de Comedy Train met Patrick Laureij. Die vergast de tot de nok volle zaal op lekkere platte Rotterdamse humor. Hij heeft het vooral gemunt op het publiek, waarbij de voorste rijen het ook zwaar te verduren krijgen. Arme Roel, die met zijn ex een leuk avondje cabaret dacht te volgen. Wijze les: vertel nooit een cabaretier dat je ergens bent met je ex. Auw!

De zaal wordt afgesloten in de Esplanade waar Philip Eijlander trots de cheque van 2313,16 euro bekend maakt aan de aanwezigen. Het was dus niet alleen een leuke avond, maar ook een die nog een goed doel ondersteunde. Helaas blijkt maar weer dat studenten niks te makken hebben (aangezien die het grootste deel van de aanwezigen vormden op de avond) want het bedrag viel veel lager uit dan de 3000 euro uit 2011. Dat komt waarschijnlijk ook omdat op de avond zelf weinig tot geen aandacht werd besteedt aan Dance4Life. De donatiebalie is maar klein, en je wordt bij de andere programmaonderdelen hier ook niet meer aan herinnerd. En tsja, dan valt dat doneren een beetje in de vergetelheid. Jammer.

Recensie – GTA V

Altijd al eens een gepensioneerde bankrover willen zijn? Of lijkt het je juist leuk om in de huid van een gestoorde repo-man (deurwaarder) te kruipen? Beter nog: speel als een drugsverslaafde ex-militair die zijn tijd in de woestijn doorbrengt met meth maken. Keuzes genoeg in de nieuwe GTA V.

Je kunt er de laatste weken niet omheen. Grand Theft Auto V is eindelijk uit, het wachten is voorbij en de tijd van genieten is gekomen. Tenminste, als we de compleet hysterische en lyrische community moeten geloven.
Persoonlijk heb ik de charme van het rondtouren in hippe auto’s, achtervolgd door de politie nooit zo begrepen. En het versieren van een hoertje, om haar vervolgens keihard dood te stompen zodat je je geld terugkrijgt vond ik toch altijd minder hilarisch dan mijn medespelers. Toch kan ook ik er niet omheen dat deze nieuwste toevoeging aan het GTA rijtje meer doet dan enige van zijn voorgangers. GTA V is vernieuwend, verrassend en toch heerlijk herkenbaar voor de trouwe fans.

De spelwereld is gigantisch en gevuld met de kleine details die zelfs de meest geharde gamer tot een glimlach kunnen verleiden. GTA V maakt het ontzettend makkelijk om al je morele standaarden de deur te wijzen. Nadeel van de gigantische wereld: het spel vergt het uiterste van je console (of pc) en je framerates zullen af en toe wel een dipje krijgen. Toch is het een applausje waard, want voor een wereld die zo groot, uitgebreid en gedetailleerd is kom je maar weinig bugs tegen.

Er is voor ieder wat wils, want producent Rockstar komt in GTA V met maar liefst drie foute kerels die je kunt spelen. Trevor, Franklin en Michael hebben ieder hun eigen trekjes en criminele voorkeuren maar worden toch samengebracht in een verhaallijn die alle kanten op kan (en gaat). Je zit niet vast aan een van de heren, maar bent vrij om tussen missies te switchen tussen de gangster die je wilt spelen. En dat is wel zo leuk, want dan zie je het ‘stadje’ ook meteen op andere manieren.

Helaas zijn, zoals altijd in GTA, de vrouwen weer afgetekend als de hersenloze en op seks beluste ontrouwe vrouwen. Blijkbaar zijn ze alleen goed om de stoute jongetjes een extra verzetje te spelen, want een rol van belang is voor de vrouwen absoluut niet weggelegd. Het verhaal zelf, hoe bizar (en anti-vrouw) het soms ook is, sleept je mee en houdt de aandacht constant vast. Je scheurt je niet zomaar los van de hoofdlijnen, al biedt het spel er genoeg mogelijkheid voor. De wereld is immens, en er is buiten de hoofdmissies zo veel te doen dat het je toch heel wat vrije tijd gaat kosten om alle content te ontdekken.

Gelukkig komt het in GTA V dus niet meer alleen aan op het oppikken van gewillige vrouwtjes en het in elkaar beuken van onschuldige bijstanders (al is dat soort mindless geweld nog steeds mogelijk en alom aangemoedigd). Alles sluit op elkaar aan, want het geld dat je verdient kun je weer gebruiken om je wapens, je auto’s of jezelf te upgraden (zodat het nog makkelijker wordt om de buurman neer te knuppelen).

De basis is onmiskenbaar GTA, de wereld is gigantisch uitgebreid en het verhaal ronduit verslavend. Zelfs ik, als anti-GTA-er heb moeten toegeven dat Rockstar hier een pareltje heeft afgeleverd dat met recht de gamingwereld al weken op zijn kop zet. Dus kun jij verder kijken dan de standaard stereotypes en ben je wel in voor een avondje zinloos geweld? Spelen dan.

Recensie – Brothers; a tale of two sons

Soms koop je wel eens een spel dat je compleet weet te verrassen. Brothers: a Tale of two sons is zo’n spel. En dat is niet alleen omdat de gameplay zo anders is dan je gewend bent, of omdat de verhaallijn zo wereldveranderend is.

Brothers is een spel dat weet te raken, zonder dat het hier direct moeite voor lijkt te doen. De opzet is zo simpel als maar kan zijn, zonder saai te worden. Het verhaal is een sprookje, een verhaaltje zoals we ze zo vaak in de boeken hebben gelezen. Twee broers gaan op zoek naar een fabelachtig redmiddel dat hun arme zieke vader kan redden van de dood. Dit doen ze in een wereld die prachtig is gemaakt en zorgt voor memorabele vergezichten.

De gameplay is even wennen. Je speelt in het spel niet, zoals vaak, met een van de broers. In dit spel speel je beide broers, tegelijk. Je bestuurt de oudere broer met links terwijl de jongere reageert op rechts. En dat maakt spelen niet direct gemakkelijk, omdat je dus, soms gelijktijdig, bewegingen moet maken die aan elkaar tegengesteld zijn.

Het is vooral leuk om te zien hoe de twee broers compleet verschillend kunnen reageren op de wereld om hen heen. De karakters spreken in een onverstaanbaar mompeltaaltje maar hun gedrag geeft hen toch een lading persoonlijkheid en emotie mee. Daar waar de oudere broer snel en effectief werkt, zonder veel poespas, kan de jongere broer zich vermaken met elke kleine ontdekking.

Het spel is niet denderend moeilijk of uitdagend maar heeft elementen die het onvergetelijk maken. Het moedigt aan om elk klein onderdeeltje van het spel te bekijken, en nog eens te bekijken (want de broers reageren immers anders op alles om hen heen). De eindscene van het spel is zo onverwachts mooi dat zelfs de hardsten onder ons een traantje zullen moeten wegpinken vanwege de perfectie van dat ene moment.

Het is niet vaak dat ik kan zeggen dat een game uit de XBOX Live Arcade de moeite van het kopen waard is, maar Brothers: A tale of two sons is een echte must-have.

Brothers is te verkrijgen via de Xbox LIVE Arcade, Playstation Network en Steam voor $14.99 (rond de 12 euro)

Recensie – The mortal instruments, City of bones

De films van tegenwoordig lopen over van vampiers, weerwolven en andere beesten die je liever niet in een donker steegje tegenkomt. The Mortal Instruments: City of Bones voegt aan dit lijstje doodleuk nog even demonen toe. Al deze wezens komen samen in een film vol monsterlijke actie gelardeerd met het onmisbare drama dat jonge tienermeisjes op het puntje van hun stoel doet belanden.

The Mortal Instruments speelt zich af in New York waar de onschuldige Clary opeens terecht komt in de wereld van ‘shadowhunters’ nadat ze getuige wordt van de moord op een demoon. Een panische zoektocht naar haar ontvoerde moeder drijft haar in de armen van shadowhunter Jace. Deze film kent maar liefst twee driehoeksverhoudingen waar flink om gezwijmeld en gesnikt kan worden, en dat alles tussen flink wat vechtscènes door. Leuk feitje: in plaats van twee jongens die om een meisje vechten (Twilight –zucht-) houdt de Mortal Bones het interessant, want hoofdpersoon Jace kan niet alleen kiezen voor de lieve Clary, maar ook voor tough guy Alec. En dat allemaal terwijl Clary staat voor de keuze tussen Jace en haar nerdige vriendje Simon. Houden jullie het nog bij?

Erg origineel is het allemaal niet wat de verhaallijnen betreft, maar laten we eerlijk zijn: schrijfster Cassandra Clare staat nou eenmaal bekend om haar ‘leenwerk’ en fan fiction. Toch kijkt de film lekker weg en zit er voor ieder wat wils in de vlotte verhaallijn. Misschien niet de kaskraker van de eeuw, maar toch zeker wel goed voor een leuk avondje naar de film.

Create a free website or blog at WordPress.com.

Up ↑