Arme bus. De bankjes waar ik op ga zitten, de vloer, en ook de bankjes voor me liggen compleet vol met loomelastiekjes (zijn het elastiekjes?).
Het ziet eruit alsof er een Loom-bom ontploft is. Erg toch, dat ik meer medelijden heb met de bus dan met het kind dat ongetwijfeld al die elastiekjes door de bus gelanceerd heeft.
Want later vanavond zal de buschauffeur, die er toch al getergd uitzien, ze vast allemaal moeten gaan opruimen.

Behulpzaam als ik ben veeg ik ze zo goed en kwaad al bij elkaar. Ik heb toch niks beters te doen tijdens de busrit, nietwaar?
Een half uurtje later stap ik uit de bus en begin ik aan de wandeling naar huis. Midden op het voetpad van de rotonde zie ik weer een loomdingetje liggen. Nu ik erop begin te letten zie ik ze opeens overal.
Er liggen er daar drie in de goot. Eentje op dat electriciteitskastje langs de weg. Felgekleurde ringetjes nemen langzaam maar zeker alles over.

Vroeger (heel vroeger – toen ik nog jong was – kuch) hadden we ook zoiets. Scoobidoo, een rage die welgeteld een maand duurde en het hele land gek maakte. Nu, ouwe taart als ik dus ben, is het blijkbaar Loom.
Iedereen Loomt. Tegenwoordig zelfs een werkwoord dus, hoe erg is dat. Je komt er zelfs mee op het nieuws als je maar creatief genoeg bent. Heel de wereld ligt immers dubbel om die gekke Brit die een peniskoker heeft geLoomed.

plaatje
En dat allemaal voor het goede doel, wat een held. Gelukkig ben ik nog loom-vrij. Geen jonge kinderen in mijn omgeving die het nodig vinden armbandjes voor me te knutselen. Geen creatieve volwassenen die dit als nieuwste verslaving hebben.

Het toppunt was echter afgelopen weekend. Vriendlief en ik waren afgedaald naar het schone Limburg voor een bezoekje aan de grootouders. En wat ziet mijn oog?
Daar. In Geleen. Een Limburgs gat van een dorp waar niemand ooit komt…. Een Loomstore. Een complete winkel, in een groot pand ook nog, gewijd aan Loom. Mijn arme brein. Ik kan er niet bij.

Wat is er zo geweldig aan deze hype?!?!

Advertisements