Er zijn een paar geuren op de wereld waar ik echt compleet ontoepasselijk van kan worden. Mijn neusje is niet bepaald gevoelig (en da’s altijd wel handig wanneer je samenwoont met een man – want die stinken!) en veel vieze geurtjes kan ik prima negeren. Zwitsal daarentegen… alleen al de gedachte aan de geur van Zwitsal maakt me lichtelijk ziek – en misselijk. Allesoverheersend, constant aanwezig en zo mierzoet… ik kan er echt gewoon niet tegen. Ik heb een hele tijd lang gedacht dat ik een gruwelijke hekel had aan baby’s omdat het..nouja…baby’s zijn. Later besefte ik pas dat het in verreweg het grootste deel van de gevallen conditionering is. Want baby’s ruiken gewoon vaak naar Zwitsal. Gadver. Nou is het niet zo alsof ik alle niet-zwitsal baby’s opeens wil doodknuffelen – maar dan is het al een stuk minder erg om erbij in de buurt te zijn.

Dus toen ik gisteren op mijn werk hoorde dat ik een collega heb die Zwitsal-obsessed is viel ik bijna van mijn stoel. Vrouwke zat enthousiast te vertellen over haar collectie (want ja, ze SPAARDE zelfs Zwitsal producten). Hele collecties en alle type verpakkingen. Alle geurtjes, shampoo’s en zelfs kleding. Iemand die geen kinderen heeft, maar wel in de winkel sokjes en slabbertjes staat te kopen – omdat ze van Zwitsal zijn. Hoe krijg je het voor elkaar. En ik, subtiel als ik ben, kon mezelf er natuurlijk niet van weerhouden om even haarfijn uit te leggen hoe vies ik de geur wel niet vind. Ik voelde me net Bill Nye tegenover een publiek van creationisten. Ai.Foto: awwww <3 Badedas love

Het allerergste was nog wel dat iedereen daar het met haar eens was – Zwitsal rook volgens hun heerlijk. Ik snapte er helemaal niks meer van! Natuurlijk eindigden we beiden met hetzelfde standpunt als voor de discussie, maar ik kon dus niet begrijpen dat mensen die geur zo verschrikkelijk lekker vinden. Al snap ik obsessies met geuren dan weer wel. Zo kan ik direct vrolijk worden van Badedas. De oude, in de big-ass groene kronkelfles. Gooide mijn oma vroeger het bad vol mee – en dan zat je helemaal blij in een gifgroen bad. Geweldig. Dat vind ik nou echt een heerlijke geur.
En natuurlijk mijn eigen parfum – Hypnotic Poison van Dior. Da’s echt zo’n geur die mensen ook letterlijk herkennen. Dan spreken ze me aan op straat “Hey, heb jij die geur van Dior op?”. Al jaren kan ik niet zonder, want die geur is echt zo verrukkelijk en hij ‘staat’ me ook nog eens heel goed. Scheelt urenlang dwalen in de Douglas of Ici.

Daar heb ik nog een trauma aan overgehouden. Toen ik door mijn zoveelste flesje poison heen was, toog ik naar de winkel voor een nieuwe. Kwam ik thuis met een flesje Hypnotic Poison dat compleet anders rook. Natuurlijk kon mijn beste vriend Google me na lang speuren geruststellen – ze hadden de geur en ingredienten helemaal niet veranderd (ik was doodsbang mijn geurtje kwijt te zijn). Ze hadden alleen een tweede geur in de lijn uitgebracht – met eenzelfde flesje en zelfde naam. En dan in piepkleine letters een extra naam eronder. Wist ik veel. Toen moest ik met tegenzin een grote fles Hypnotic Poison-Eau Sensuelle opmaken voordat ik van mezelf een nieuwe mocht. Drama!

Dus tsja – ergens kan ik mensen met een obsessie voor Zwitsal wel begrijpen. Maar persoonlijk word ik compleet gek van die geur. Zo’n zelfde effect heeft een geurtje van Bruno Banani op mij. Ooit kreeg mijn zusje een Chihuahua, die ze heel toepasselijk Prinsje noemde (de enige reden dat ie geen Tinkerbell werd was het feit dat het een mannetje was!). Een misselijk beestje met een attitude waar je niet goed van werd. En ik heb jarenlang gedacht dat die hond altijd verschrikkelijk erg ‘naar puppy’ stonk. Om er pas jaren later achter te komen dat het arme beest elke dag duchtig besprenkeld werd met het Bruno Banani geurtje waar mijn zusje aan verslingerd was. En nu kom ik in de stad dus vaak tieners tegen die ik dan spontaan naar hond vind ruiken. Oeps!

Hoe zou het met de rest van de wereld zitten? Zijn geurobsessies normaal?

Of ben ik een freak omdat ik Zwitsal niet kan verdragen :O

 

Advertisements